Een goede voorbereiding is het halve werk

Mozes weet daar inmiddels alles van. Vroeger, lang geleden in Egypte, keek hij daar anders naar. Hij had alles toch al? Geld, macht, status en een uitstekende opleiding. Onderwijs ontvangen in alle wijsheid van het oude Egypte. Het liefst gaat hij op zijn doel af. In die jaren daarvoor is dat doel voor hem steeds duidelijker geworden. Langzaamaan is hij zich bewust geworden van zijn afkomst. De onrust groeit. Je zou kunnen zeggen dat er een roeping groeit. Een roeping om het joodse volk de vrijheid terug te geven. Als hij op een dag geconfronteerd wordt met het onrecht ten aanzien van ‘zijn’ volk, houdt hij het niet meer. Met grote passen gaat hij op zijn doel af en neem het recht in eigen handen. Al gauw blijkt dat hij te overhaast heeft gehandeld. Zijn actie brengt hem en zijn volk in een gevaarlijk parket. Hij moet vluchten.

Mozes, de kandidaat-bevrijder van het volk is nu veel illusies armer. Hij moet het beeld van zichzelf en zijn missie grondig bijstellen. Er volgt een lange periode waarin zijn geld, macht en status langzaam maar zeker, grondig van hem afgenomen wordt. Het zijn jaren van voorbereiding, hoewel hij dat waarschijnlijk zelf niet zo ervaart. Na 40 jaar loopt hij rond met eenvoudige kleding en een gehard uiterlijk. Dan klinkt het op een dag ‘Mozes, Mozes! […] Kom hier niet dichterbij. Doe de schoenen van je voeten, want de plaats waarop je staat, is heilige grond’ (Exodus 3:4b,5). Mozes doet zijn schoenen uit. Ik stel me voor dat hij ook op z’n knieën valt als hij beseft wie het is die hem aanspreekt. Hier zien we geen trotse man meer die vol zelfvertrouwen is. Van zijn (groot)spraak is niet veel meer over. ‘Och Heere, ik ben geen man van veel woorden. Dat ben ik sinds jaar en dag al niet, zelfs niet vanaf het ogenblik dat U tot Uw dienaar gesproken hebt, want ik spreek onduidelijk en moeizaam’ (Ex. 4:10).

God gebruikte de tijd in de woestijn om Mozes te brengen op de beste en hoogste plaats die er is: aan de voeten van de Heere. Zijn missie om het joodse volk te bevrijden kan pas slagen als hij geleerd heeft dat zijn allereerste roeping is om in de aanwezigheid van God te verkeren en Hem te kennen en te aanbidden. In die aanwezigheid van God heeft Mozes geleerd dat het niet meer zíjn missie is maar die van God. Zo sterk beseft hij dit, dat hij zegt ‘Wie ben ik, dat ik naar de farao zou gaan en de Israëlieten uit Egypte zou leiden?’ (Ex. 3:11).

We hebben als medewerkers op kantoor het voorrecht op weg te gaan met kandidaat-zendelingen. Mannen en vrouwen die een onrust, een roeping in het hart hebben om te werken in de missie van God. Stuk voor stuk prachtige mensen. Hun verhalen die getuigen van Gods weg met hen bemoedigen en inspireren ons keer op keer. Steeds worden we in de gesprekken bevestigd in het feit dat een goede voorbereiding het halve werk is. Daarbij mogen we de kandidaat-zendelingen wijzen op het voorrecht en het enorme belang om in hun voorbereidingen prioriteit te geven aan hun omgang en relatie met God. Het kennen van Hem en Hem aanbidden geeft ons een realistisch beeld van onszelf en de moed om niet in onze eigen kracht te roemen, maar in de kracht van God. Zijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Als kandidaat-zendelingen dit leren vóór dat ze op weg gaan, is dit inderdaad het ‘halve werk’.

Neem contact op

Heb je een vraag? Laat het ons weten via de e-mail. Wij beantwoorden je e-mail zo snel mogelijk!